eEcho blog

is een halte van de gedachte

Flash programmeren

Basisprincipes

Wanneer u geen programmeerervaring heeft is het aan te raden om de basisprincipes te leren kennen. Onder basisprincipes vallen begrippen als variabelen, functies, voorwaardelijke herhalingen enzovoort. Een korte introductie in de terminologie:

Variabele: een naam die verwijst naar een veranderbare waarde (naar een plaats in de computergeheugen). Voorbeeld: de variabele “naam” kan verwijzen naar “Jan”, “Paul” of andere inhoud. Bij foutief gebruik, ofwel wanneer de naam van de variabele niet goed gekozen is, kan “naam” ook getallen, een datum of een heel andere inhoud hebben. Kies dus de naam die past bij de (toekomstige) inhoud, houdt u aan deze stelling.

Operatoren: bewerkingstekens die gebruikt worden om waardes te berekenen ofte vergelijken
Voorbeeld: twee waardes worden opgeteld door de operator “+” startWaarde + tussenwaarde = totaalwaarde;

Expressies: een uitdrukking, een combinatie van variabelen, operatoren en uitdrukkingen die samen een resultaat geven.

Objecten: een abstract begrip dat omschreven kan worden als een verzameling waardes en functies die als geheel aangesproken kan worden of als elementen.
Voorbeeld: Een MovieClip is een object met waardes, meestal eigenschappen of properties genoemd die u kunt opvragen en / of bewerken: mijnMovieClip._x heeft de waarde van de x-coördinaat van de MovieClip met de naam “mijnMovieClip”. RnijnMovieClip._alpha = 50; zet de transparantie van de MovieClip met de naam “mijnMovieClip” op 50%.

Functies en Methods: Een functie is een reeks opdrachten die een bepaalde taak uitvoeren. Een functie kan parameters ontvangen en een resultaat teruggeven. Een Method is een functie in een object. Voorbeeld zonder parameters of retourwaarde: function Hallo () { tracé(“Hallo wereld”); }

Oproep:

Hallo();

Een functie die een resultaat teruggeeft moet deze ergens kwijt kunnen, anders heeft de ftmctie aanroep geen zin. Het resultaat van de ftinctie *Hallo_3′ wordt opgeslagen in de variabele ‘welkom’. Wanneer de variabele ‘naam’ de waarde “Paul” bevat wordt na het aanroepen van de functie de variabele ‘welkom’ gevuld met de waarde “Hallo Paul”. Een method is een functie in een Object. Voorbeeld: Het String Object heeft de method toUppercase die de string omzet in hoofdletters:

halloStr = new String (“Hallo wereld.”);
Kapitalen = halloStr.toUpperCase();

De variabele “Kapitalen” bevat nu: “HALLO WERELD”.

Voorwaarden:

if(){}else{}

switch (num) {

case 0:

trace (”ZERO”); break ;

case 2:

trace (”TWO”); break ;

case 4:

trace (”FOUR”); break ;

case 8:

trace (”HEIGHT”); break ;

default:

trace (”The number is not equal to 0, 2, 4 or 8″) ;

}

Loop:

for (y=0; y<100; y++) {
x++;
}
while (x<100) {
x++;
}
do {
x++;
} while (x<100);

Add A Comment

You must be logged in to post a comment.

Home | info@eecho.info | Voorwaarden | Blog